Beste,

u kwam op mijn website terecht via de zoekterm ""

Als gr-wandelaar in hart en benen, en als gr-medewerker bezit ik heel wat ervaring en documentatie om mensen "op weg" te helpen in de wondere wereld van het wandelen. Dus, vind je niet direct want u zoekt, maar heeft uw vraag of probleem met wandelen en/of trektochten via Lange afstandswandelen in het algemeen of de Grote Routepaden in het bijzonder te maken, dan mag u deze gerust stellen via het Contactformulier.

Zelf heb ik zowat alle GR's in België, Noord-Frankrijk, Ile-de-France, Normandië en Bretagne afgehaspeld, alsook La Palma, La Gomera en Corsica.

Ben je op zoek naar gps-routes dan kan ik je hoogstwaarschijnlijk verder helpen. Laat me weten van wel gr-pad (in Belgie of Frankrijk) je een gpx-file wenst en wie weet ....

GRoeten. Jan

Homepage

Het doel kan nooit zo mooi zijn dan de weg er naar toe.
l'Objectif ne peut jamais être si belle que le chemin




This page
Jans Wondere Wandelwereld
http://www.wandelwereld.be
  Zoekterm :
Mailinglist Gastenboek Links Contact Aansprakelijkheid
       Terug   

  Woordenlijst

à - naar (o.a.)
abandonné - verlaten (vt dw)
abeille - bij (dier)
aboutir - uitkomen bij
abri - schuilplaats
abrupt - steil (van rotsen)
accès - toegang
il s´agit de - het betreft
ainsi que - evenals
aire - terrein
alimentation - kruidenier
aller - gaan
aller et retour - heen en terug
alors - dan, vervolgens
altitude - hoogte
aménager - inrichten, aanpassen
amener - brengen, leiden
amorcer - inzetten, beginnen
ancien - oud, voormalig
angle - hoek
apprôcher - naderen
appuyer - steunen, stutten
appuyer sur - drukken
après - na
après-midi - middag
arbre - boom
argent - geld
artique - weideplaats
atteindre - bereiken
automne - herfst
autrefois - toen, toentertijd
avant - voor (in tijd)
averse - regenbui
avoir - hebben
au bout de - a/h einde van
baguette - stokbrood
balisage - bewegwijzering
balisé - bewegwijzerd
balise, une - merkteken
barré - versperd
barrière - versperring
bas - laag
belle vue - mooi uitzicht
belvédère - uitzichtpunt
berger - herder
bergerie - schaapskooi
bifurquer - (af)splitsen
blanc/ blanche - wit
blé - graan
bocage - houtwal, bosje
bois - bos
boisson - drank
au bord de - aan de oever van, langs
bordant - langs, naast
boucherie - slager
boueux - modderig
boulangerie - bakker
bretelle - aanlooproute
brouillard - mist
bruyère - heide
buis - buxus
butte - heuveltje
cabane - schuilplaats, hut
calmant - pijnstiller
car - bus, autobus
carrefour - kruispunt
carrière - steengroeve
carrossable - berijdbaar, begaanbaar
cascade - waterval
cerf - hert
chaîne - ketting,
(de montagne) (bergketen)
chambre d’hôte - gastenkamer
chamois gems, berggeit
champ - veld, akker
changer - veranderen, wisselen, ruilen
chantier - werkplaats, bouwterrein
châtaignier - kastanjeboom
chaud - warm
chaussure - schoen
chemin (terreux) - (zand-)weg
chemin en - weg langs
corniche - helling
chêne - eik
chênaie - eikenbosje
chien (méchant) - (gevaarlijke) hond
tenu en laisse - hond aan de lijn
chute - (water-)val
cimétière - begraafplaats
circuit - rondwandeling
cirque - keteldal
clairière - open plek in bos
clôture - afsluiting, omheining
clot - gesloten dal
cochon - varken
col - bergpas
colline - heuvel
combe boissée - bebost klein dal
commencer - beginnen
commun - gemeenschappelijk
communal - gemeentelijk
complet - vol (hotels ed)
conduire - leiden
confluent - samenvoeging van twee rivieren
conifère - naaldboom
conseillé - aanbevolen
continuer - blijven doorgaan
contourner - lopen om, gaan om
en contrebas de - lagergelegen dan
côte - kant, zijde, streek
à côté - de naast
côtoyer - lopen langs
coulée - stroompje
couper - snijden, kortste weg nemen
coupe-feu - brandgang
courbe de niveau - hoogtelijn
couverture - deken
crête - bergkam, heuvel
croix - kruis(beeld)
crochet - draai van de weg
cul-de-sac - doodlopende weg
cuvette - kam van berg
d’abord - eerst
déboucher - uitmonden, uitkomen
début - begin
déconseiller - afraden
découvrir - ontdekken
décrire - beschrijven
dégringoler - (snel) naar beneden gaan
dénivellation - hoogteverschil
déhanchement - schuin gaande weg of bocht
dense - dicht, compact
départ - vertrek
depuis -sinds
descendre - omlaag gaan
desséché - uitgedroogd
dessous - eronder
dessus - erboven
détour - bocht, omweg
dévaler - afdalen, naar beneden gaan
devant - voor (in plaats)
devenir/ devient - worden/ wordt
diner - avondeten
direction - richting
dominer - uitsteken boven
dormir - slapen
douce - zacht, geleidelijk
droit - rechtuit
droite - rechts
eau potable - drinkbaar water
éboulis - puinhelling
ébouli - neergestort puin
à l’ écart - terzijde, apart
échancrure - uitholling, uitsnijding
école - school
église - kerk
élever - verheffen
(s’) éloigner - (zich) verwijderen
empierré - verhard
emporter - meenemen
emprunter - volgen, nemen (van een weg)
en face - tegenover
encaissé, sentier - holle weg
enclos - omheind terrein
s’enfoncer - ingaan
s’engager - richting, weg inslaan
ensuite - vervolgens
entamer - beginnen
entonnoir - trechter
entre - tussen
envahi par la végétation - overwoekerd
environ - ongeveer
éperon - uitloper v.e. berg
épicéa - spar
épingle - haarspeldbocht
(bien) équipé - (goed) voorzien
escalier - trap
escarpé - steil
espèce protégée - beschermde soort
été - zomer
s’étirer - zich uitstrekken
étroit(e) - smal, nauw
équestre - paardrijden
être - zijn
étroit - nauw, smal
éviter - uitwijken voor
faim - honger
falaise - steile kant, kust
ferme/ferme - boerderij met
auberge - logies
fermé - gesloten
fleuve - rivier
fond - bodem, diepste
fontaine - bron, fontein
forêt - bos
fort - sterk, krachtig
fortin, un - bunker
fossé, un - sloot, gracht, greppel
fournir - bevoorraden, leveren
franchir - gaan door, oversteken
franchement - ronduit, eenvoudig
froid - koud
frôler - rakelings langs gaan
gagner - winnen, bereiken
gare - treinstation
gauche - links
(non) gardé - (on)bemand
geler - vriezen
genévrier - jeneverbes (struik)
gîte (d’étape) - herberg (voor wandelaar)
gorge - kloof
goudronné - geasfalteerd, verhard
gourde - verldfles
grange - schuur, boerenstal
gravir - beklimmen (moeizaam)
grimper (à) - beklimmen, stijgen
gué, à gué - weg
guêpe - wesp
HT,haute-tension - hoogspanning
hameau - gehucht
haut - hoog
à hauteur de - ter hoogte van
hébergement - onderdak
herbeux - begroeid
hêtre - beuk
hiver - winter
hors des sentiers tracés - buiten de gebaande paden
hourquette - steile pas
ici - hier
il fait - het is (ivm het weer)
il fait beau - het is mooi weer
il pleut - het regent
impasse - doodlopende straat
incendie - brand
indiquer - wijzen
inflexion - buiging, bocht
intersection - kruising
isard - gems
itinéraire - route
jaune - geel
jonction - kruising
jour de repos - rustdag
jusqu’à la / jusqu'au - tot aan de
là - daar
lacet - haarspeldbocht, veter
laisser - laten, voorbijgaan aan
lapin - konijn
large - breed
laver - wassen, schoonmaken
légère - licht, gemakkelijk
se lever - opstaan (uit bed)
lieu - plaats
lieu-dit - gehucht
lièvre - haas
limite - grens
lisière - rand/ zoom
lit - bed
loi - wet
loin - ver
en longeant - langs
longer langs - iets lopen
longueur - lengte
lotissement - verkaveling
mairie - gemeentehuis, stadhuis
maison/ mas - huis
manger - eten
marcher - lopen
marche - (trap-) trede
marécageux - moerassig
maquis mediterraan - struikgewas
matin/ matinal - ochtend/ vroeg
même - zelfde
mener - leiden
météo - weerdienst
au milieu de - temidden van
moellon - steen
mont - berg
montagne - berg, gebergte
monter - omhoog gaan
moustique - mug
mouton - schaap
municipal - gemeentelijk
nager - zwemmen
la (route) nationale - hoofdweg
négliger - niet inlaan
neige/ neiger - sneeuw/ -en
névé - harde sneeuw
noir (e) - zwart
nuit - nacht
nuitée - overnachting
obliquer - in schuine richting lopen
ombre - schaduw
orage - onweer
s’orienter à - zich richten naar
où - WAAR
ouvert - geopend
pain - brood
panneau d'information - informatiebord
par - via, over
parcelle - terrein
parcourir - doorlopen, doorkruisen
paroi - (berg-)wand
parsemé - in schuine richting lopen
partir - vertrekken, verlaten
parties rocheuses - rotsachtig gedeelte
pas - 1 niet; 2 stap; 3 bergpas
passage - doorgang
passer - gaan langs
passerelle - loopplank, bruggetje
pâturage - weiland
petit-déjeuner - ontbijt
pélouse - grasperk
pendant - gedurende
pénétrer - door-/ binnendringen
pente - helling
peu/ un peu - weinig, beetje
peuplé - bevolkt
pharmacie - apotheek
pied - voet
pierre / pierreux - steen / stenig
pin - den
pinède - dennenbos
piscine - zwembad
piste - pad, spoor
piton - hoge bergtop
plan - vlakte
place - plein
plaine - vlakte
plein - vol (-ledig)
pleuvoir - het regent
pluie - regen
plus - meer
plus vite - sneller
ponceau - bruggetje
pont - brug
portillon - deurtje (b.v. bij weide)
potager - moestuin
poursuivre - (ver)volgen
poteau - paal
poule - kip
PR (petit randonnée) - kleine of dagwandeling
prairie - weide
pré - kleine weide
prédictions météorologiques - weersvoorspellingen
prendre - nemen, afslaan op route
près - dichtbij
printemps - lente
prôche - naast
progressivement - steeds meer
prolongement - verlenging
promenade - wandeling
promontoire - voorgebergte
à proximité - in de nabijheid
prudemment - voorzichtig
puis dan - vervolgens
pylône - mast, toren
quand - wanneer, als
quelques - enkele
quitter - verlaten
raide - steil
rapide - stroomversnelling
se rapprôcher - dichterbij, bij elkaart komen
raviné - uitgehold, weggespoeld
ravitaillement - bevoorrading
ré-, re- her- (opnieuw)
rectiligne - rechtlijnig
refuge - (berg)hut
rejoindre - samenvoegen, samenkomen
rembali - ophoging, berm
rempart - wal
remonter - weer omhoog gaan
renseignements - informatie
repas - maaltijd
ressaut - uitsteeksel, oneffenheid
ressource - meestal: bevoorrading
revenir - terugkomen (op), terugkeren
revêtu - verhard
rive - oever
robinet - kraan
rocailleux -rotsachtig
rouge - rood
rude (ment) - hobbelig, lastig
rue - straat
ruisseau - beekje
sable - zand
sablonneux - zanderig
sac-a-dos - rugzak
sac de couchage - slaapzak
sage - verstandig
sanglier - wild zwijn
sapin - spar
sapinière - sparrenbos
sauvage - wild, woest
sec/ sèche - droog
sente - voetpad
sentier - pad
sentier encaissé - holle weg
serpent - slang
serpenter - slingeren
serré - nauw, opeengedrongen
site - plaats, locatie
SNCF Franse - spoorwegen
soif - dorst
soir - avond
solitaire - alleenstaand
sommet - bergtop
sortie - uitgang
sortir - uitgaan, verlaten
source - bron
suivre - volgen
sur - op
surplomber - hangen over
syndicat d’initiative - VVV
talus - helling, berm
taureau - stier
(beau) temps - (mooi) weer
tête - top, hoofd
tilleul - linde
torrent - bergbeekje
touffu - dichtbegroeid
tourner - wenden
tout droit - steeds rechtdoor
tout-de-suite - onmiddellijk
à travers - doorheen, over
traverser - oversteken, doorwaden
très - zeer, heel
trop tard - te laat
trouver - vinden
se trouver - zich bevinden
touffu - dichtbegroeid
vallée - dal
vallon - klein dal
variante - alternatieve route
vache - koe
vaste - groot
verger - boomgaard
vers - naar
versant - helling
vert (e) - groen
vêtements - kleding
vin / vigne, vignoble - wijn / wijngaard
village/ ville - dorp/ stad
voir - zien
virage - bocht
virer - keren, draaien
VTT - mountainbike

Met dank aan Pied à Terre

  Verwante pagina's

  
  Interessante links

  

© Jan Van Meirvenne - 2012- http://www.wandelwereld.be